Inleiding
In november 2022 hebben uw Staten het Programma Mobiliteit Provincie Groningen vastgesteld. In het bijbehorende Uitvoeringsprogramma Mobiliteit is aangegeven waar wij in de jaren 2023 tot en met 2027 aan werken. Ook is de systeemgerichte en integrale aanpak vanuit het Programma Mobiliteit doorvertaald in de financieringsstructuur voor mobiliteit: de beschikbare middelen zijn gebundeld in het Regionaal Mobiliteitsfonds 2023-2027.
In 2027 werken wij aan het opstellen van een volgend Uitvoeringsprogramma Mobiliteit voor de jaren 2028 tot en met 2032. Hierbij zullen wij uw Staten vragen een besluit te nemen over het beschikbaar stellen van middelen ten behoeve van het Regionaal Mobiliteitsfonds voor de looptijd van dat Uitvoeringsprogramma.
Voor de periode 2028-2032 zien wij grote financiële uitdagingen. Zo zijn de prijsstijgingen in de sector de afgelopen vijf jaar uitzonderlijk hoog geweest en zijn er hogere kosten door de klimaatverandering. Niet op alle projecten zijn indexeringen toegepast of zijn deze te laag om de prijsstijgingen op te vangen. Ook zijn eisen en regels strenger geworden en de (verkeers)intensiteiten hoger dan in het verleden kon worden voorzien. Dit vraagt om voldoende middelen om de basisvoorzieningen voor mobiliteit voor onze inwoners te kunnen blijven bieden. In 2027 lukt dit nog met de inzet van de beschikbare middelen uit de reserve van het Regionaal Mobiliteitsfonds. De inzet van de reserve is een tijdelijke oplossing; het huidige voorzieningenniveau kan in 2027 worden voortgezet, maar vanaf 2028 blijft een structurele financiële opgave bestaan.
Daarnaast zijn er in de komende jaren majeure opgaven die de draagkracht van het Regionaal Mobiliteitsfonds te boven gaan. Dan gaat het bijvoorbeeld om de instandhouding van de treinconcessie in de periode 2035-2050 en om instandhouding en beschikbaarheid van onze eigen infrastructuur, specifiek gaat het om provinciale wegen en bruggen en sluizen. Verder zien wij een toenemende opgave op het gebied van vervanging en renovatie van kunstwerken en het klimaatbestendig maken van onze infrastructuur. Ook deze opgaven raken direct aan onze wettelijke taken en vragen om investeringsruimte en structurele en incidentele middelen. Ook zijn er grote ontwikkelingen als de Nedersaksenlijn en de westelijke ringweg. Wij zullen met uw Staten in gesprek gaan over deze financiële uitdagingen. In de uitwerking maken wij onderscheid tussen structurele kosten voor basisvoorzieningen, incidentele investeringen en projecten waarvoor cofinanciering van het Rijk nodig is.
Verder werken wij in 2027 tegen de achtergrond van een nationaal minder rooskleurige financiële situatie. Het ministerie van IenW heeft in maart 2026 aangekondigd dat zij moet herprioriteren om de korte termijn opgaven op het gebied van beheer en instandhouding van infrastructuur het hoofd te kunnen bieden. Dit betekent dat alle MIRT-investeringen en projecten die nog niet in daadwerkelijke uitvoering zijn door het ministerie opnieuw worden afgewogen om tot een prioriteitenlijst te komen. Deze herprioritering heeft betrekking op het Mobiliteitsfonds en Deltafonds. Op dit moment is nog onzeker welke gevolgen dit zal hebben voor de provincie Groningen, de beschikbare middelen voor projecten en de prioritering daarvan. Dit kan veel betekenen voor de MIRT-projecten in onze regio. Ook voor ons eigen Uitvoeringsprogramma Mobiliteit vanaf 2028 geldt dat wanneer hiervoor onvoldoende middelen beschikbaar gesteld worden, wij zelf, samen met uw Staten scherpe keuzes zullen moeten maken.
De ontwikkelingen rondom de herprioritering door het Rijk en de grote mobiliteitsopgaven kennen een sterke onderlinge samenhang en zullen van invloed zijn op de keuzes die gemaakt moeten worden in het volgende Uitvoeringsprogramma Mobiliteit 2028-2032. Om deze keuzes zorgvuldig voor te bereiden willen wij werken met scenario's, waarin wettelijke taken, verwachte opgaven, ambities en beschikbare middelen in samenhang worden beschouwd. Hiermee ontstaat inzicht in mogelijke inhoudelijke en financiële keuzes en de gevolgen daarvan voor het mobiliteitsbeleid in onze provincie.
Zoals hierboven aangegeven lukt het voor 2027 nog om met de middelen binnen het Regionaal Mobiliteitsfonds te blijven werken aan zorgeloze mobiliteit in onze provincie. Dit doen we door in te zetten op verbetering van de publieke, slimme, groene en actieve mobiliteit, versterken en verduurzamen van goederenvervoer en logistiek, het verbeteren van de verkeersveiligheid en te werken aan een efficiënt, effectief en duurzaam infrastructuurnetwerk.
Samenwerkingen
Het realiseren van zorgeloze mobiliteit doen wij samen met gemeenten, het Rijk, onze inwoners, het bedrijfsleven, (samenwerkings)organisaties, kennisinstellingen en onze buurprovincies. Voor verkeersveiligheid doen we dat in VVB-verband en voor slimme en groene mobiliteit met ons Hive.Mobility netwerk. Ook werken we in Regio Groningen-Assen-verband aan de Verstedelijkingsstrategie in die regio Groningen-Assen om goed bereikbare woningen en arbeidsplaatsen te realiseren.
