In dit onderdeel geven wij een actualisatie van het financieel perspectief voor de periode 2026-2030.
In juli 2026 hebben uw Staten het financieel perspectief bij de Perspectiefnota 2027 vastgesteld. De ontwikkeling van het financieel perspectief sinds de Perspectiefnota 2027 is in onderstaande tabel weergegeven. De ontwikkelingen worden daarna nader toegelicht.
Tabel 20. Ontwikkelingen financieel perspectief 2026-2030
(x € 1.000) | 2026 | 2027 | 2028 | 2029 | 2030 | Totaal |
|---|---|---|---|---|---|---|
A. Financieel perspectief Perspectiefnota 2027 | 18.094 | 14.497 | 6.602 | 5.569 | -22.780 | 21.982 |
B. Mutaties in het financieel perspectief sinds Perspectiefnota 2027 | ||||||
1. Moties ten laste van het flexibel budget | -125 | -275 | - | - | - | -400 |
2. Voorziene autonome ontwikkelingen | 17.939 | 12.073 | 21.662 | 20.513 | 19.326 | 91.513 |
3. Faseringsvoorstellen Najaarsmonitor 2026 | 9.331 | -8.726 | -529 | -75 | - | 0 |
B. Mutaties in het financieel perspectief sinds Perspectiefnota 2027 | 27.144 | 3.072 | 21.132 | 20.438 | 19.326 | 91.113 |
C. Financieel perspectief Begroting 2027 | 45.239 | 17.569 | 27.734 | 26.007 | -3.453 | 113.095 |
Te splitsen in: | ||||||
Begrotingsruimte | - | 17.344 | 25.734 | 24.007 | -5.453 | 61.632 |
Flexibel budget | - | 225 | 2.000 | 2.000 | 2.000 | 6.225 |
Algemene reserve (vrije ruimte) | 45.239 | - | - | - | - | 45.239 |
Totaal financieel perspectief Begroting 2027 | 45.239 | 17.569 | 27.734 | 26.007 | -3.453 | 113.095 |
A. Perspectiefnota 2027
De Perspectiefnota 2027 die uw Staten in juli 2026 vastgesteld hebben, liet voor de periode 2026-2030 een financieel perspectief (bestaande uit de begrotingsruimte en het flexibel budget) zien van in totaal € 22,0 miljoen.
B. Mutaties in het financieel perspectief sinds Perspectiefnota 2027
B.1. Moties ten laste van het flexibel budget
Tijdens de behandeling van de Perspectiefnota 2027 in uw Staten zijn ook een tweetal moties aangenomen waarin wordt opgeroepen om dekking voor de betreffende motie in het flexibel budget te vinden. Dit betreffen de onderstaande moties:
- Motie M465. Laat PAS-melders niet alsnog omvallen - € 300.000
- Motie M476. Meer poen voor plezier (2) - € 100.000
Het totale beslag op het flexibel budget als gevolg van bovenstaande moties is € 400.000. De financiële gevolgen van deze moties zijn in het financieel perspectief verwerkt, waarbij ook de benodigde middelen (als onderdeel van punt B.3) naar het juiste begrotingsjaar zijn gefaseerd.
De middelen voor motie 'M465. Laat PAS-melders niet alsnog omvallen' zijn opgenomen in het jaar 2026. Voor motie 'M476. Meer poen voor plezier (2)' geldt dat, in afwijking van de motie, de middelen zijn opgenomen in 2027 in plaats van in 2026. Dit vanwege het feit dat in 2026 onvoldoende tijd resteert voor een openstelling en er naar verwachting ook geen evenementen meer zullen plaatsvinden die binnen de regeling vallen. Met het beschikbaar stellen van de middelen in 2027 blijven de middelen beschikbaar voor het doel zoals beschreven in de motie.
B.2. Voorziene autonome ontwikkelingen
Het financieel perspectief 2026-2030 wordt door de verwerking van voorziene autonome ontwikkelingen verruimd met € 91,5 miljoen.
De autonome ontwikkelingen worden nader toegelicht in het onderdeel 'Autonome ontwikkelingen'.
B.3. Faseringsvoorstellen Najaarsmonitor 2026
In de Najaarsmonitor 2026 doen zich diverse verschuivingen tussen de begrotingsjaren voor als gevolg van fasering van de werkzaamheden. Deze voorstellen zijn in het financieel perspectief opgenomen. Per saldo zijn deze voorstellen budgettair neutraal.
C. Financieel perspectief Begroting 2027
Het financieel perspectief voor de periode 2026 tot en met 2030 bedraagt in totaal € 113,1 miljoen. Het financieel perspectief bestaat uit de begrotingsruimte van € 61,6 miljoen, het beschikbare flexibel budget van € 6,2 miljoen en de vrije ruimte binnen de Algemene reserve van € 45,2 miljoen.
In de Begroting 2027 is bewust afgezien van herschikking (verdeling) van de begrotingsruimte 2026-2030 over de verschillende jaren. Door de positieve begrotingsruimte nu niet te verdelen over de jaren maken we de negatieve trend in de jaarschijf 2030 zichtbaar. Wij stellen voor om de resterende begrotingsruimte voor de jaarschijf 2026 van € 45,2 miljoen toe te voegen aan de Algemene reserve (vrije ruimte). Deze middelen blijven daarmee beschikbaar voor de toekomstige opgaven en ontwikkelingen, dan wel voor eventuele ambities van een volgend college.