Financiële begroting

Financiële positie

In onderstaande tabel hebben wij aangegeven welke veranderingen er in onze uitkering uit het Provinciefonds zullen optreden in vergelijking met de ramingen in de Perspectiefnota 2027. De bijstelling van de ramingen is gebaseerd op de septembercirculaire 2026.

Tabel 22. Financiële gevolgen septembercirculaire 2026 Provinciefonds

(x € 1.000)

2026

2027

2028

2029

2030

Totaal
2026-2030

Stand Provinciefonds volgens Perspectiefnota 2027

330.870

278.968

275.890

278.612

276.528

1.440.867

1. Mutaties algemene uitkering septembercirculaire 2026

1.1 Algemene mutaties

a.

Accres tranches

1.424

1.748

1.946

1.941

7.058

b.

Afrekeningruimte onder plafond BCF 2026

8.316

8.316

c.

Handelsregister Kamer van Koophandel

-7

-7

d.

Herverdeeleffecten nieuw verdeelmodel

3.416

12.623

12.623

12.623

41.284

1.2 Taakmutaties

a.

Ov-aanbod op peil houden en verbeteren

-6.621

-6.621

-6.621

-6.621

-26.485

b.

Voorkomen tariefstijging regionaal ov-tarief

-4.976

-4.976

-4.976

-4.976

-19.904

1.3 Overige mutaties

a.

Uitkomsten berekeningsmodel

2.062

1.927

1.773

5.763

2. Decentralisatie-uitkeringen septembercirculaire 2026

a.

Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer & Agrarisch Natuurbeheer:

a.1

ANLb compensatie Eco-regeling

4.095

4.095

a.2

ANB uitvoeringscapaciteit

124

124

248

a.3

Agrarisch natuur- en landschapsbeheer (ANLb)

874

874

1.748

b.

Wet Versterking regie volkshuisvesting

1.138

1.138

1.138

1.138

1.138

5.689

c.

SNL Natuurbeheer

925

925

d.

Spreidingswet

360

360

e.

Pilots toekomstbestendige bedrijventerreinen

994

994

f.

Nationale Agenda Laadinfrastructuur

636

212

318

159

1.325

g.

Bosrevitalisering

400

400

h.

Invasieve exoten

431

431

i.

Natuurbrandpreventie en -mitigatie

286

417

436

436

1.576

j.

Landelijke Aanpak Wolven

134

134

k.

Verbeterprogramma Vogelhabitatrichtlijn (VHR)

126

126

l.

Economische Agenda Groningen

1.918

1.918

m.

Veilig vergaderen

113

113

n.

Aanpak netcongestie

502

503

506

509

2.021

o.

Openbare bibliotheken

22

22

p.

Openbaar vervoer:

p.1

Ov-aanbod op peil houden en verbeteren

6.621

6.621

6.621

6.621

26.485

p.2

Voorkomen tariefstijging regionaal ov-tarief

4.976

4.976

4.976

4.976

19.904

Totaal mutatie o.b.v. septembercirculaire 2026

19.987

7.917

19.597

18.894

18.143

84.538

Stand Provinciefonds volgens Begroting 2027

350.857

286.885

295.487

297.506

294.671

1.525.405

5. Mutaties programmakosten

a.

Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer & Agrarisch Natuurbeheer:

a.1

ANLb compensatie Eco-regeling

-4.095

-4.095

a.2

ANB uitvoeringscapaciteit

-124

-124

-248

a.3

Agrarisch natuur- en landschapsbeheer (ANLb)

-874

-874

-1.748

b.

Wet Versterking regie volkshuisvesting

-1.138

-1.138

-1.138

-1.138

-1.138

-5.689

c.

SNL Natuurbeheer

-925

-925

d.

Spreidingswet

-360

-360

e.

Pilots toekomstbestendige bedrijventerreinen

-994

-994

f.

Nationale Agenda Laadinfrastructuur

-636

-212

-318

-159

-1.325

g.

Bosrevitalisering

-400

-400

h.

Invasieve exoten

-431

-431

i.

Natuurbrandpreventie en -mitigatie

-286

-417

-436

-436

-1.576

j.

Landelijke Aanpak Wolven

-134

-134

k.

Verbeterprogramma Vogelhabitatrichtlijn (VHR)

-126

-126

l.

Economische Agenda Groningen

-1.918

-1.918

m.

Veilig vergaderen

-113

-113

n.

Aanpak netcongestie

-502

-503

-506

-509

-2.021

o.

Openbare bibliotheken

-22

-22

Totaal te verrekenen met programma's

-11.679

-3.077

-3.164

-2.398

-1.806

-22.124

Saldo mutaties ten gunste van de Algemene middelen

8.308

4.840

16.433

16.496

16.337

62.414

Bij de mutaties in de algemene uitkering wordt onderscheid gemaakt in algemene mutaties en taakmutaties.

1.1 Algemene mutaties

a. Aanpassing accressen 2027-2030
Vanaf 2024 is het accres gekoppeld aan de bbp-normeringssystematiek. Uitgangspunt is dat het Provinciefonds meerjarig de ontwikkeling van het nominaal bruto binnenlands product (bbp) volgt. De normering wordt gesplitst in een volume- en prijsdeel. In de septembercirculaire 2026 is het accres voor de jaren 2027 en verder geactualiseerd op basis van de actuele ontwikkeling van het bbp door het Centraal Planbureau (CPB). Daarnaast is de grondslag, de basis waarover per jaar het accres wordt berekend, geactualiseerd ten opzichte van de meicirculaire. Het positieve effect voor de periode 2026-2030 is € 7,1 miljoen.

b. Voorlopige ruimte onder plafond BTW-compensatiefonds
Het BTW-compensatiefonds en het Provinciefonds zijn communicerende vaten. Als het plafond van het BTW-compensatiefonds wordt overschreden komt het verschil ten laste van het Provinciefonds. Bij een onderschrijding komt het verschil ten gunste van het Provinciefonds. De verwachte ruimte onder het plafond van 2026 is voor de provincies geraamd op € 169 miljoen. De verwachte onderbesteding 2026 is toegevoegd aan het Provinciefonds. Het positief effect voor 2026 is € 8,3 miljoen.

c. Handelsregister Kamer van Koophandel
De Kamer van Koophandel (KvK) beheert in opdracht van het ministerie van Economische Zaken (EZ) het Handelsregister. Dit register is de basisregistratie waarin alle bedrijven en rechtspersonen ingeschreven staan. Daarnaast staan alle andere organisaties die deelnemen aan het economisch verkeer in dit register. Naast private organisaties kunnen ook gemeenten, provincies, ministeries, waterschappen en overige organisaties met een publieke taak gebruik maken van het Handelsregister.
Deze mutatie heeft betrekking op de inputfinanciering voor 2026 vanuit het IPO. Het gaat om een totaalbedrag van € 136.000. De middelen worden onttrokken aan de algemene uitkering van het Provinciefonds via de uitkeringsfactor. Deze algemene mutatie leidt voor de provincie Groningen tot een verlaging van de uitkering van afgerond € 7.000.

d. Herverdeeleffecten nieuw verdeelmodel
Op basis van het nieuwe verdeelmodel van het Provinciefonds is de structurele plus voor de provincie Groningen uitgekomen op € 12,6 miljoen per jaar. Door de effecten van de actualisatie van de in het model opgenomen maatstaven is dit bedrag lager uitgevallen dan de verwachting zoals toegelicht de brief aan uw Staten van 24 juni 2026. Bij de verwerking van de uitkomsten van de septembercirculaire 2026 hebben wij geconstateerd dat wij eerdere circulaires (de septembercirculaire 2025 en de meicirculaire 2026) hadden geïnterpreteerd alsof daarin het destijds bekende effect voor de provincie Groningen van € 9,2 miljoen per jaar al structureel was meegenomen. Dat was niet het geval. Wij hebben de effecten van een aantal andere onderwerpen ten onrechte geduid als zijnde het herverdeeleffect. Op deze regel is het zuivere herverdeeleffect van het nieuwe verdeelmodel opgenomen. Voor het jaar 2027 is op basis van de septembercirculaire 2026 sprake van een positief effect van € 3,4 miljoen (het verschil tussen € 12,6 miljoen en € 9,2 miljoen), voor de jaren 2028 en verder is sprake van een structureel effect van € 12,6 miljoen.  

1.2 Taakmutaties
De middelen voortvloeiend uit de motie Bikker c.s. ten behoeve van het op peil houden en verbeteren van het ov-aanbod en het voorkomen van de tariefstijging regionaal ov-tarief zouden initieel in 2027 niet langer via een decentralisatie-uitkering worden verstrekt, maar via de algemene uitkering. Vanwege de herziening van het verdeelmodel van het Provinciefonds is in de septembercirculaire 2026 echter besloten de uitkering middels een decentralisatie-uitkering te continueren tot en met 2031. Het bedrag per provincie en het totaalbedrag is ongewijzigd. Dit betreft dan ook enkel een verschuiving van de algemene uitkering naar een decentralisatie-uitkering. Zie ook de toelichting op deze decentralisatie-uitkeringen bij het onderdeel 2. Decentralisatie-uitkeringen.

1.3 Overige mutaties

a. Uitkomsten berekeningsmodel
De berekening van het aandeel van de provincies in de algemene uitkering is gebaseerd op de vermenigvuldiging van de maatstaven en de bijbehorende gewichten per maatstaf (bedrag per eenheid), de zogenaamde uitkeringsbasis, Die wordt vervolgens vermenigvuldigd met de uitkeringsfactor, die mede gebaseerd is op de mrb-maatstaf en het veronderstelde rendement op het eigen vermogen. Op deze regel is het totale effect opgenomen van wijzigingen in de diverse onderdelen van het berekeningsmodel. Voor de periode 2026-2030 is sprake van een positief effect van € 5,8 miljoen.

2. Decentralisatie-uitkeringen

a. Agrarisch natuur- en landschapsbeheer (ANLb)
Wij ontvangen van het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN) een bijdrage voor het Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer (ANLb) en Agrarisch Natuurbeheer (ANB) investeringsmiddelen. Deze bijdrage bestaat uit:

ANLb compensatie Eco-regeling
In 2025 is er binnen het Nationaal Strategisch Plan (NSP) van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) € 50 miljoen verschoven van het ANLb naar de Eco-regeling. Het ANLb is een provinciale regeling binnen het GLB. De Eco-regeling is een regeling van het ministerie van LVVN binnen het GLB.  
De provincies worden in 2026 met een totaalbedrag van € 50 miljoen gecompenseerd voor deze budgetschuif. De verdeelsleutel is gebaseerd op de toegewezen overhevelingsgelden per provincie per beheerjaar van het ANLb in het NSP GLB. Wij ontvangen in 2026 € 4,1 miljoen.

ANB uitvoeringscapaciteit
Conform de Contourenbrief Agrarisch Natuurbeheer (ANB) van het voormalige kabinet-Schoof wordt met agrarisch natuurbeheer ook ingezet op het versterken van de provincies en BIJ12. Hiertoe stelt het ministerie van LVVN vanuit het ANB-programma in totaal € 5,6 miljoen beschikbaar voor ondersteuning van de uitvoerende organisaties, waaronder de provincies en BIJ12. Het betreft een bijdrage van € 2,8 miljoen in zowel 2026 als 2027. Met deze middelen worden provincies in staat gesteld hun organisatiestructuur te versterken zodat zij de stapsgewijze uitbreiding van het ANB kunnen voorbereiden en het versterken van het stelsel kunnen ondersteunen. De verdeelsleutel is vastgesteld in de Ambtelijke Adviescommissie (AAC) van 12 mei 2026 van het Interprovinciaal Overleg (IPO). Wij ontvangen in 2026 en 2027 € 0,12 miljoen.

Agrarisch natuur- en landschapbsbeheer
In de Contourenbrief Agrarisch Natuurbeheer heeft het voormalige kabinet-Schoof de ambitie uitgesproken om voortvarend te beginnen met een stapsgewijze uitbreiding van ANLb. In de Uitwerking Contouren Agrarisch Natuurbeheer van het voormalige kabinet-Schoof wordt in 2027 het aantal hectares ANLb uitgebreid met 15.000 ha. Het kabinet-Jetten verhoogt deze uitbreiding met 5.000 ha naar 20.000 ha in 2027. Er is in totaal € 60,2 miljoen beschikbaar.
In zowel 2027 als 2028 is de bijdrage voor alle provincies in totaal € 30,1 miljoen. De verdeling is gebaseerd op de relatieve omvang van de grutto-kerngebieden (45%), de overgangsgebieden rondom stikstofgevoelige Natura2000 gebieden (45%) en de verbetering van de habitat voor akkervogels voor de akkervogelprovincies (10%). Wij ontvangen in 2026 en 2027 € 0,87 miljoen.

b. Wet Versterking regie volkshuisvesting
Met de inwerkingtreding van het wetsvoorstel Versterking regie volkshuisvesting ontstaan extra werkzaamheden voor de medeoverheden. In een artikel 2-onderzoek is vastgesteld dat deze werkzaamheden financiële gevolgen hebben voor provincies in de vorm van incidentele en structurele uitvoeringslasten. Het betreft bijvoorbeeld kosten voor hun coördinerende rol op de bouwopgave en de uitbreiding van het interbestuurlijk toezicht op de verdeling van urgent woningzoekenden over gemeenten. Ter compensatie van de in het artikel 2-onderzoek geïdentificeerde structurele uitvoeringslasten ontvangen de provincies in totaal vanaf 2026 structureel € 17,8 miljoen.  

De structurele middelen voor 2026 en verder worden, net als de incidentele middelen voor 2025, in overleg met het IPO, uitgekeerd via een decentralisatie-uitkering. Hierbij is de voor de incidentele middelen voor 2025 overeengekomen verdeelsleutel gehanteerd met een vast bedrag van € 500.000 per provincie, de resterende middelen worden naar rato van de opgave op basis van de Woondeals verdeeld. De ondergrens is gebaseerd op het artikel 2-onderzoek uit 2023 waarin de minimale (incidentele) financiële lasten voor provincies zijn berekend.

De verdeling van de middelen voor het jaar 2027 wordt naar verwachting bekend gemaakt in de meicirculaire 2027. De middelen zullen dan worden overgeheveld van de decentralisatie-uitkering naar de algemene uitkering, waarbij de verdeling dan zal worden gebaseerd op het nieuwe verdeelmodel. Vooralsnog is voor het jaar 2027 en verder de verdeelsleutel van 2025 aangehouden. Wij ontvangen (op basis van de verdeelsleutel van 2025) vanaf 2026 structureel € 1,14 miljoen per jaar.

c. SNL Natuurbeheer
Het Subsidiestelsel Natuur en Landschap (SNL) is de basis voor provincies om subsidie te verlenen voor behoud en ontwikkeling van natuur en landschap. De kosten voor SNL zijn fors hoger geworden doordat de standaardkostprijzen voor het kunnen uitvoeren van goed en passend natuurbeheer eind 2025 aangepast zijn. Provincies ontvangen hiervoor een bijdrage van in totaal € 16 miljoen in 2026. Wij ontvangen in 2026 € 0,92 miljoen.

d. Spreidingswet
Om de provinciale regietafels (PRT's) te versterken, in onder meer hun nieuwe taak ten behoeve van het realiseren van opvangplekken in het kader van de Spreidingswet, ontvangen provincies in 2026 in totaal een bijdrage van € 12,8 miljoen. De middelen worden verdeeld op basis van de indicatieve verdeling van het aantal opvangplaatsen per provincie. Wij ontvangen in 2026 € 0,36 miljoen.

e. Pilots toekomstbestendige bedrijventerreinen
Bedrijventerreinen leveren een belangrijke bijdrage aan een duurzaam vestigingsklimaat en verdienvermogen. Door economische en maatschappelijke opgaven is het een uitdaging om de bedrijventerreinen toekomstbestendig te houden. Toekomstbestendige bedrijventerreinen zijn terreinen, bedrijven en gebouwen die duurzaam functioneren en de beschikbare ruimte optimaal benutten. Het programma Ruimte voor Economie schetst verschillende uitgangspunten voor het toekomstbestendig maken van bestaande bedrijventerreinen, waaronder integraliteit en ondernemersgerichtheid. Door bijvoorbeeld slim en anders om te gaan met de beschikbare ruimte op de bedrijventerreinen, kan er extra bedrijfsruimte gevonden worden. Voor pilotprojecten met betrekking tot toekomstbestendige bedrijventerreinen stelt het ministerie van EZK in totaal in 2026 een bedrag van € 11,9 miljoen beschikbaar. Dit bedrag wordt evenredig over de twaalf provincies verdeeld. Wij ontvangen in 2026 € 0,99 miljoen.

f. Nationale Agenda Laadinfrastructuur
Sinds 2019 werken provincies gezamenlijk aan de uitrol van laadinfrastructuur voor alle modaliteiten. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) en het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) stellen hiervoor middelen beschikbaar in 2026 en in 2028 tot en met 2030. In 2026 is het budget € 9,2 miljoen, in 2028 € 3 miljoen, in 2029 € 4,6 miljoen en in 2030 € 2,3 miljoen. De provincies worden hiermee in staat gesteld om bij te dragen aan het doel om een landelijk dekkend laadnetwerk voor alle modaliteiten te realiseren. Wij ontvangen in 2026 € 0,64 miljoen, in 2028 € 0,21 miljoen, in 2029 € 0,32 miljoen en in 2030 € 0,16 miljoen.

g. Bosrevitalisering
De vitaliteit van de Nederlandse bossen gaat achteruit door onder andere droogte en verzuring. In het kader van de Landelijke Bossenstrategie werken Rijk en provincies samen aan het revitaliseren van de bossen. Het ministerie van LVVN stelt in 2026 een totaalbedrag van € 8 miljoen beschikbaar voor bosrevitaliseringsmaatregelen. De verdeling van het budget is gebaseerd op de provinciale natuurpact-verdeelsleutel Jansen II. Wij ontvangen in 2026 € 0,4 miljoen.

h. Invasieve exoten
Provincies zijn verantwoordelijk voor bestrijding van invasieve exoten van de Unielijst (uitvoering Europese Exotenverordening). Het ministerie van LVVN stelt in 2026 in totaal € 7,9 miljoen beschikbaar ten behoeve van het treffen van beheersmaatregelen tegen invasieve exoten met als doel bescherming van de biodiversiteit. De verdeling van de middelen is gebaseerd op de verdeelsleutel natuur die de provincies hanteren. Dit is eind 2025 door de provincies besloten in de Bestuurlijke Adviescommissie Landelijk Gebied (BAC LG). Wij ontvangen in 2026 € 0,43 miljoen.

i. Natuurbrandpreventie- en mitigatie
Nederland ziet steeds meer brandgevoelige dagen met omstandigheden waarbij er sprake is van een verhoogd risico op onbeheersbare natuurbranden. Het ministerie van LVVN stelt daarom in de periode 2026 tot en met 2029 in totaal een bedrag van € 28,7 miljoen beschikbaar aan de provincies. Dit is aanvullend op de middelen die reeds eerder beschikbaar zijn gesteld aan de provincies voor het voorkomen en beperken van natuurbranden. De provincies worden hiermee in staat gesteld om samen met natuurbeheerders risicobeperkende maatregelen te nemen. Het budget is € 5,2 miljoen in 2026, € 7,6 miljoen in 2027 en € 8 miljoen in 2028 en 2029. De verdeling van het budget is gebaseerd op de verdeelsleutel natuur die provincies hanteren. Wij ontvangen in 2026 € 0,29 miljoen, in 2027 € 0,42 miljoen en in 2028 en 2029 € 0,44 miljoen.

j. Landelijke Aanpak Wolven
Het ministerie van LVVN stelt in 2026 in totaal € 3,2 miljoen beschikbaar voor de Landelijke Aanpak Wolven. De middelen zijn beschikbaar gesteld ten behoeve van het beheer en ontwikkeling van het Landelijke Informatiepunt Wolf (LIW), Landelijk Initiatief Veebescherming (LIV), de bekostiging van een provinciale projectleider en de ontwikkeling van het Landelijk Deskundigenteam Wolven (LDW). De provincie Drenthe ontvangt een bijdrage van € 1,3 miljoen ten behoeve van een drietal veebeschermingsinitiatieven. De resterende middelen worden verdeeld op basis van de verdeelsleutel natuur die provincies hanteren. Wij ontvangen in 2026 € 0,13 miljoen.

k. Verbeterprogramma Vogelhabitatrichtlijn (VHR)
Met deze overheveling worden middelen voor natuurmonitoring toegevoegd aan het Provinciefonds. In 2026 is een totaalbedrag van € 1,9 miljoen beschikbaar. De middelen worden door het ministerie van LVVN verstrekt in het kader van het Verbeterprogramma VHR-monitoring, waar Rijk en provincies gezamenlijk aan werken. Het Verbeterprogramma draagt bij aan de ontwikkeling van een uniform en landelijk natuurmonitoringssysteem. Met deze bijdrage kan een start worden gemaakt met de monitoring van omgevingscondities. De verdeelsleutel is gebaseerd op de oppervlakte natuurareaal waarvoor stikstofreductie moet plaatsvinden in Natura2000-gebieden en het areaal Natura 2000-gebieden per provincie. Wij ontvangen in 2026 € 0,13 miljoen.

l. Economische Agenda Groningen
In Nij Begun, de kabinetsreactie op de parlementaire enquête aardgaswinning Groningen, is de ontwikkeling van een Economische Agenda aangekondigd. Er is € 250 miljoen incidenteel beschikbaar gesteld om de Economische Agenda op te starten. Hiervan is een deel gereserveerd voor de ontwikkeling van de Economische Agenda in 2026. De provincie en gemeente Groningen vervullen binnen de regio een coördinerende rol. Wij ontvangen hiervoor een bijdrage van € 1,92 miljoen. De middelen kunnen worden ingezet voor bijvoorbeeld personeels-, locatie- en organisatiekosten die bijdragen aan het doel.

m. Veilig vergaderen
De afgelopen periode is gebleken dat vergaderingen van gemeenteraden en Provinciale Staten gepaard kunnen gaan met maatschappelijke onrust, ongeregeldheden en zelfs bedreigende situaties. Om provincies en gemeenten te ondersteunen met het treffen van maatregelen om beter voorbereid te zijn op mogelijke verstoringen rondom risicovolle vergaderingen, wordt aan 24 gemeenten en vijf provincies vanuit het programma Weerbaar bestuur in 2026 een financiële bijdrage verstrekt. De betrokken provincies en gemeenten zijn ingegaan op een algemene uitnodiging van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties om onderdeel te worden van het leernetwerk Veilig Vergaderen en hier gezamenlijk stappen in te zetten.
Het gaat voor provincies om een totaalbedrag van € 464.000 in 2026. De helft van dit bedrag wordt evenredig over de deelnemende provincies verdeeld. De andere helft op basis van inwonersaantal, waarbij provincies met een kleiner inwoneraantal een hogere bijdrage ontvangen. Wij ontvangen in 2026 € 0,11 miljoen.

n. Aanpak netcongestie
Provincies ontvangen middelen van het Rijk voor het uitvoeren van taken op het gebied van klimaat en energie. Met name bij de provincies zijn relatief veel nieuwe taken ontstaan op het gebied van het aanpakken van netcongestie, het opstellen van energievisies, het afstemmen van vraag en aanbod van energie, het integraal programmeren en het opstellen van het provinciaal Meerjarenprogramma Infrastructuur Energie en Klimaat (pMIEK). Voor 2027 tot en met 2030 is er in totaal € 38,9 miljoen beschikbaar. In 2027 tot en met 2029 is jaarlijks € 9,7 miljoen beschikbaar, in 2030 gaat het om € 9,8 miljoen. Voor de verdeling over de provincies wordt de CDOKE-verdeelsleutel aangehouden. (CDOKE is de tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid.) Wij ontvangen van 2027 tot en met 2030 jaarlijks € 0,5 miljoen.

o. Openbare bibliotheken
Het doel van de uitkering is provincies en gemeenten in staat te stellen te gaan voldoen aan de gewijzigde Wet stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen (Wsob). Het college van burgemeester en wethouders moet met deze zorgplicht voorzien in een aanbod van bibliotheekvoorzieningen. Het aanbod van deze voorzieningen moet binnen redelijke afstand voor de inwoners toegankelijk zijn; ten minste één bibliotheekvoorziening moet alle vijf de wettelijke bibliotheekfuncties vervullen, een fysieke collectie hebben en over een professionele personeelsbezetting beschikken.  

Provincies ontvangen hiertoe een bijdrage van € 525.000 in 2027. Het bedrag wordt over alle provincies verdeeld op basis van een vast bedrag van € 10.000 en een bedrag van € 1.111 per gemeente in de provincie. Het totaalbedrag wordt vervolgens met een factor van 1,05 verhoogd. Wij ontvangen in 2026 afgerond € 22.000.

p. Openbaar vervoer
Voor de periode 2024 tot en met 2031 zijn, voortvloeiend uit de motie Bikker c.s, middelen beschikbaar gesteld ten behoeve van het op peil houden en verbeteren van het ov-aanbod en het voorkomen van de tariefstijging regionaal ov-tarief. Voor de periode 2024-2026 is dit via een decentralisatie-uitkering gegaan. Voor de periode 2027-2031 zijn de middelen in eerste instantie toegevoegd aan de algemene uitkering. Vanwege de herziening van het verdeelmodel van het provinciefonds is echter besloten de uitkering middels een decentralisatie-uitkering vanaf 2027 te continueren tot en met 2031. Het bedrag per provincie en het totaalbedrag is ongewijzigd.

p1. Ov-aanbod op peil houden en verbeteren
De totale omvang van de decentralisatie-uitkering voor alle provincies bedraagt € 74,4 miljoen per jaar. Wij ontvangen voor de jaren 2027 tot en met 2031 € 6,6 miljoen per jaar.

p2. Voorkomen tariefstijging regionaal ov-tarief
De totale omvang van de decentralisatie-uitkering voor alle provincies bedraagt € 67,4 miljoen per jaar. Wij ontvangen voor de jaren 2027 tot en met 2031 € 5,0 miljoen per jaar.

3. Mutatie programmakosten
Een deel van de ontwikkelingen met betrekking tot de uitkering Provinciefonds wordt direct verrekend met programma's. De extra middelen die beschikbaar komen voor de eerdergenoemde decentralisatie-uitkeringen worden direct toegevoegd aan de betreffende programma's. Uitzondering hierop zijn de decentralisatie-uitkeringen met betrekking tot Openbaar vervoer omdat deze al met ingang van 2024 zijn verwerkt in de programmakosten. Deze mutaties hebben dan ook geen effect op de begrotingsruimte.

Deze pagina is gebouwd op 10/23/2026 10:19:45 met de export van 10/23/2026 10:12:03